Na de dood van haar man staat Christien Brinkgreve in een huis vol gezamenlijke herinneringen. Er is verbondenheid, professioneel succes, gezinsgeluk, maar ook het besef dat ze zichzelf in het huwelijk kwijtgeraakt is. Ze begint het huis op te ruimen en wat een uiterlijke routine lijkt, zet ook een innerlijke beweging in gang: ze kijkt terug – op haar leven, haar huwelijk, haar rol in het gezin en in de wereld. Wat blijft erover van de gezamenlijke decennia? Wie was ze in de relatie, wie is ze zonder die relatie? En hoe kan het dat ze zich als zelfstandige vrouw heeft verloren tussen liefde en verwachtingen van anderen?
‘Een buitengewoon interessant, knap geschreven boek over een feministische vrouw, die gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen in theorie nastreefde, maar merkte hoe moeilijk het was – en is – om het in de praktijk van een huwelijk te realiseren.’ – Frits Abrahams, NRC
Christien Brinkgreve, geboren 1949, schrijft op heldere en trefzekere wijze over vrouwen en mannen, ouders en kinderen, en plaatst hun ervaringen in de context van de tijd waarin ze leven. Naast essays en columns schreef ze onder meer De belasting van de bevrijding (1988) en De vrouw en het badwater (1992). In Vroeg mondig laat volwassen (2004) beschrijft Brinkgreve de poreus wordende grenzen tussen jeugd en volwassenheid. In 2006 verscheen Wie wil er nog moeder worden?

